Asbest in gebouwen: FM-verantwoordelijkheid
Asbest is aanwezig in veel Nederlandse gebouwen die voor 1994 zijn gebouwd. De facility manager is verantwoordelijk voor het beheersen van het asbestrisico in de dagelijkse exploitatie en bij verbouwingen. Onzorgvuldig omgaan met asbest kan leiden tot gezondheidsrisico's, stillegging van werkzaamheden en hoge boetes.
Nederlandse context
Het gebruik van asbest is in Nederland sinds 1993 verboden. Het Asbestverwijderingsbesluit 2005 regelt de verplichtingen bij het verwijderen van asbest. Een asbestinventarisatie moet worden uitgevoerd door een SC-540-gecertificeerd bedrijf. Asbestverwijdering is voorbehouden aan SC-530-gecertificeerde bedrijven. De Omgevingsdienst houdt toezicht op de naleving. Per 2025 geldt een lagere grenswaarde voor amfibool asbestvezels (2.000 vezels/m³).
Kernbegrippen
- Asbestinventarisatie
- Verplicht onderzoek naar de aanwezigheid, locatie en staat van asbesthoudende materialen in een gebouw. Uitgevoerd door een SC-540-gecertificeerd bureau.
- Asbestbeheersplan
- Document dat beschrijft hoe asbest dat in het gebouw achterblijft wordt beheerd: periodieke controle, communicatie en maatregelen bij beschadiging.
- SC-540
- Certificeringsschema voor bedrijven die asbestinventarisaties uitvoeren. Garandeert deskundigheid en onafhankelijkheid.
- SC-530
- Certificeringsschema voor bedrijven die asbest verwijderen. Verplicht voor alle asbestverwijderingswerkzaamheden behalve onder strikte voorwaarden voor kleine hoeveelheden.
- Risicoklasse
- Classificatie van asbestsanering in drie klassen op basis van het vezeltype en de toestand. Klasse 1 (laagst risico) tot klasse 3 (hoogst risico).
Wat de wet vereist
Als gebouweigenaar of -beheerder bent u verplicht om te weten of er asbest in het gebouw aanwezig is. Voor gebouwen van voor 1994 geldt een inventarisatieplicht voorafgaand aan verbouwing of sloop. Het is verstandig om ook zonder directe aanleiding een inventarisatie te laten uitvoeren — u bent als werkgever immers verantwoordelijk voor de veiligheid van de medewerkers in het gebouw.
Als asbest wordt aangetroffen in goede staat en niet wordt verstoord, hoeft het niet direct te worden verwijderd. In dat geval stelt u een beheersplan op. Dit plan beschrijft de locaties, de toestand, de periodieke controlefrequentie en de maatregelen bij beschadiging of werkzaamheden in de buurt van het materiaal. Communiceer de locaties aan medewerkers die in of aan het gebouw werken — onderhoudspersoneel, installateurs en schoonmakers moeten weten waar ze niet mogen boren, schuren of breken.
Bij verbouwing of sloop is verwijdering doorgaans verplicht als het asbesthoudende materiaal wordt verstoord. Verwijdering mag alleen door een SC-530-gecertificeerd bedrijf. De Omgevingsdienst moet vooraf worden gemeld. Na verwijdering volgt een eindcontrole door een geaccrediteerd laboratorium. De kosten van asbestverwijdering lopen sterk uiteen — van enkele duizenden euro's voor een kleine sanering tot honderdduizenden voor een volledig dak. Neem asbestbeheer op in de meerjarenplanning van het gebouw.
Verwante onderwerpen
Volg het laatste nieuws over dit onderwerp via Arbo in FM op FM Radar →