Submetering installeren in een kantoorgebouw
Submetering is het plaatsen van extra meters achter de hoofdmeter om verbruik per verdieping, zone of installatie inzichtelijk te maken. Zonder submetering weet je hoeveel een gebouw als geheel verbruikt, maar niet waar de besparingskansen liggen. Het is een van de meest kosteneffectieve stappen in energiemanagement.
Nederlandse context
In Nederland schrijft het Bouwbesluit voor nieuwbouw meetvoorzieningen voor warmte en koude voor. Bij multi-tenantgebouwen is submetering vaak ook nodig voor een eerlijke kostenverdeling conform de Warmtewet. Leveranciers als Carlo Gavazzi, Schneider Electric en Siemens bieden submeteringoplossingen die gangbaar zijn op de Nederlandse markt.
Kernbegrippen
- Hoofdverdeling
- Het centrale schakelpaneel van het gebouw waar de stroom van de netaansluiting wordt verdeeld over groepen en verdiepingen.
- CT-klem (stroomtransformator)
- Meetklem die om een kabel wordt geplaatst om stroomsterkte te meten zonder de kabel te onderbreken.
- Modbus/BACnet
- Communicatieprotocollen waarmee submeters meetdata doorsturen naar een centrale datalogger of gebouwbeheersysteem.
- Meetplan
- Document dat vastlegt welke meters waar worden geplaatst, welke energiestromen ze meten en hoe de data wordt verzameld.
- Nachtverbruik
- Energieverbruik buiten bedrijfstijd; een van de eerste indicatoren die submetering zichtbaar maakt en waar vaak snel bespaard kan worden.
Aanpak stap voor stap
Start met een meetplan. Loop het gebouw door met de installateur en de eenlijnschema's. Bepaal welke circuits je wilt meten: minimaal per verdieping en per hoofdinstallatie (klimaat, verlichting, serverruimte). Hoe gedetailleerder je meet, hoe beter je kunt sturen, maar elke meter kost geld. Zoek de balans.
Kies vervolgens het type meter. Voor elektriciteit zijn CT-klemmen de standaard: ze worden om de kabel geklemd zonder de installatie te onderbreken. Voor gas en water zijn pulsmetermodules gangbaar. Zorg dat alle meters hetzelfde communicatieprotocol spreken (Modbus RTU of BACnet) zodat ze op één datalogger kunnen worden aangesloten.
Plan de installatie bij voorkeur buiten kantooruren, want het schakelpaneel moet kortstondig spanningsloos worden gemaakt. Na installatie configureer je de datalogger en koppel je de meters aan het energiemonitorsysteem. Controleer in de eerste week of alle meters correct registreren door de som van de submeters te vergelijken met de hoofdmeter. Stel vervolgens dashboards in en communiceer de eerste resultaten naar het team. Vaak levert submetering al in de eerste maand verrassende inzichten op, zoals apparatuur die 's nachts onnodig aanstaat.
Verwante onderwerpen
Volg het laatste nieuws over dit onderwerp via Energiemanagement op FM Radar →