Instrument

Lichtintensiteitsensoren en daglichtsturing

Lichtintensiteitsensoren meten de hoeveelheid licht in een ruimte en sturen op basis daarvan de kunstverlichting aan. In combinatie met bezettingssensoren ontstaat een verlichtingssysteem dat alleen brandt waar en wanneer het nodig is, met het juiste lichtniveau. Voor gebouwbeheerders is dit een van de meest directe manieren om energie te besparen en het visueel comfort te verbeteren.

Nederlandse context

De NEN 12464-1 specificeert minimale verlichtingssterkten voor werkplekken: 500 lux voor kantoorwerk, 300 lux voor vergaderruimten. Het Arbobesluit verplicht werkgevers tot adequate werkplekverlichting. De ISSO 75.1 geeft richtlijnen voor daglichttoetreding en kunstlichtaansturing in utiliteitsgebouwen.

Kernbegrippen

Lux
Eenheid voor verlichtingssterkte: de hoeveelheid licht die op een oppervlak valt. 500 lux is de norm voor standaard kantoorwerkplekken.
Daglichtregeling
Automatische aanpassing van kunstlicht op basis van beschikbaar daglicht. Bij veel daglicht dimt het systeem; bij bewolking of schemering schakelt het bij.
Aanwezigheidsdetectie
Verlichting die alleen inschakelt wanneer een sensor aanwezigheid detecteert. Voorkomt dat licht brandt in lege ruimten.
DALI
Digital Addressable Lighting Interface. Communicatieprotocol voor digitale aansturing van individuele armaturen. Maakt dimmen en groepering per zone mogelijk.
Constantlichtregeling
Het systeem handhaaft een constant lichtniveau op het werkblad, ongeacht wisselend daglicht. De sensor meet continu en het systeem compenseert.

Toepassing in de praktijk

Lichtintensiteitsensoren worden op of nabij het plafond gemonteerd, gericht op het werkoppervlak. Ze meten de totale lichtsterkte (daglicht plus kunstlicht) en regelen de armaturen zo dat het gewenste niveau wordt gehandhaafd. Bij voldoende daglicht dimt het systeem de kunstverlichting of schakelt deze uit; bij afnemend daglicht compenseert het.

De energiebesparing is aanzienlijk: verlichting is verantwoordelijk voor 20 tot 30 procent van het energieverbruik in kantoorgebouwen. Daglichtregeling in combinatie met aanwezigheidssturing kan dit met 40 tot 60 procent reduceren. Vooral in gebouwen met veel glasoppervlak is het besparingspotentieel groot.

Bij implementatie is de kalibratie van het lichtniveau per zone belangrijk. De 500-luxnorm geldt op het werkblad, niet bij de sensor aan het plafond. Stem het systeem af in samenwerking met de verlichtingsleverancier en test met gebruikers om irritaties door te frequent dimmen te voorkomen. DALI-aansturing maakt het mogelijk om per armatuur of zone te regelen, wat flexibiliteit biedt bij wisselende ruimte-indelingen.

Verwante onderwerpen