Hoe voer je een ergonomie-audit uit?
Een ergonomie-audit is een systematische beoordeling van werkplekken op ergonomische risico's. Het gaat verder dan de wettelijke RI&E: een audit bekijkt niet alleen of de werkplek aan de norm voldoet, maar ook of medewerkers de voorzieningen correct gebruiken.
Nederlandse context
De ergonomie-audit sluit aan bij de RI&E-verplichting uit de Arbowet maar is gedetailleerder. FMN en de NVVK beschrijven werkplekaudits als best practice voor FM-afdelingen. Veel Nederlandse arbodiensten en ergonomieadviesbureaus bieden auditdiensten aan. De audit kan ook intern worden uitgevoerd door een preventiemedewerker of FM-medewerker met ergonomische basiskennis.
Kernbegrippen
- Ergonomie-audit
- Systematische beoordeling van werkplekken op ergonomische risico's, inrichtingskwaliteit en gebruikersgedrag.
- Auditchecklist
- Gestructureerde vragenlijst waarmee de auditor elke werkplek beoordeelt op vaste criteria.
- Scoringsmatrix
- Schema dat per werkplekonderdeel een score toekent (voldoet/voldoet deels/voldoet niet) voor prioritering.
- Fotodocumentatie
- Foto's van werkplekken tijdens de audit, als bewijsmateriaal en communicatiemiddel in het auditrapport.
- Actieplan
- Geprioriteerd overzicht van verbetermaatregelen met deadlines, verantwoordelijken en budget.
Aanpak stap voor stap
Stap 1 — Voorbereiding. Stel een auditchecklist samen op basis van het Arbobesluit, NEN-EN-ISO 9241 en de Arbocatalogus voor kantoorwerk. Controleer per werkplek: stoel (instelmogelijkheden en staat), bureau (hoogte, ruimte), beeldscherm (positie, afstand), verlichting (lux, reflecties), en hulpmiddelen (muis, toetsenbord, headset). Plan de audit buiten piekuren zodat je werkplekken kunt beoordelen zonder medewerkers te storen.
Stap 2 — Uitvoering. Loop systematisch alle werkplekken langs. Beoordeel elke plek op de checklistcriteria en scoor op een driepuntsschaal. Maak foto's van opvallende situaties — zowel goede voorbeelden als verbeterpunten. Let niet alleen op het meubilair maar ook op het gebruikersgedrag: staan stoelen correct ingesteld? Worden monitorarmen gebruikt?
Stap 3 — Analyse. Tel de scores op per criterium en per zone. Identificeer patronen: als op een hele verdieping de schermen te laag staan, is het een inrichtingsprobleem. Als het verspreid voorkomt, is het een voorlichtingsprobleem. Prioriteer op basis van risico (hoog risico = klachtenpotentieel) en bereik (veel medewerkers geraakt).
Stap 4 — Rapportage. Schrijf een kort rapport met samenvatting, belangrijkste bevindingen en een actieplan. Gebruik foto's om bevindingen visueel te maken. Stap 5 — Opvolging. Voer de verbeteringen uit volgens het actieplan. Plan na zes maanden een heraudit om te controleren of de maatregelen effect hebben.
Verwante onderwerpen
Volg het laatste nieuws over dit onderwerp via Werkplekergonomie op FM Radar →