Brandmeldinstallatie conform NEN 2535
Een brandmeldinstallatie (BMI) detecteert brand in een vroeg stadium en alarmeert bewoners en hulpdiensten. NEN 2535 is de Nederlandse norm die eisen stelt aan het ontwerp en de toepassing. Voor facility managers is de BMI een van de meest kritieke installaties in het gebouw.
Nederlandse context
Het Bouwbesluit 2012 verplicht een brandmeldinstallatie voor gebouwen waar dat op basis van de gebruiksfunctie en bezettingsgraad nodig is: zorginstellingen, grote kantoren, bijeenkomstgebouwen en logiesgebouwen. De norm NEN 2535, uitgegeven door NEN (het Nederlandse Normalisatie-instituut), bepaalt de projecteringsklasse en het beveiligingsconcept. Inspectie vindt plaats door CCV-gecertificeerde instellingen. De doormelding naar de brandweer verloopt via een particuliere alarmcentrale (PAC).
Kernbegrippen
- NEN 2535
- De Nederlandse norm voor brandmeldinstallaties die de eisen aan ontwerp, projectering en toepassing vastlegt.
- Projecteringsklasse
- De indeling die bepaalt welk type detectie en welke bewaking in een gebouw vereist is, variërend van handmelders tot volledige automatische detectie.
- Doormelding
- De automatische melding van een brandalarm aan de meldkamer van de brandweer via een particuliere alarmcentrale.
- Ongewenste alarmeringen
- Brandmeldingen die niet door brand worden veroorzaakt. Een hoog percentage kan leiden tot uitschakeling van de doormelding door de Veiligheidsregio.
- Certificaat brandmeldinstallatie
- Een door een geaccrediteerde inspectie-instelling afgegeven bewijs dat de BMI voldoet aan NEN 2535 en correct functioneert.
- Particuliere alarmcentrale (PAC)
- Een gecertificeerde organisatie die brandalarmen ontvangt en doormeldt aan de brandweer na verificatie.
Wat de wet vereist
Wanneer het Bouwbesluit een BMI voorschrijft, moet deze voldoen aan NEN 2535. De norm bepaalt op basis van de gebruiksfunctie welke projecteringsklasse van toepassing is. Bij een kantoor met meer dan 500 personen is doorgaans volledige automatische detectie vereist; bij kleinere gebouwen kunnen handmelders volstaan. De BMI moet zijn ontworpen door een gecertificeerd branddetectiebedrijf en na oplevering worden geïnspecteerd.
Als facility manager organiseert u het onderhoud volgens het Programma van Eisen (PvE) dat bij de installatie is opgesteld. Dagelijks controleert u of de BMI-centrale in normaalstand staat. Maandelijks test u steekproefsgewijs melders en de communicatie met de PAC. Jaarlijks laat u een volledig onderhoud en inspectie uitvoeren door een gecertificeerd bedrijf.
Een veelvoorkomend probleem is het aantal ongewenste alarmeringen. Wanneer dit te hoog oploopt, kan de Veiligheidsregio besluiten de doormelding te blokkeren. U verliest dan de automatische alarmering van de brandweer, wat een ernstige verslechtering van de brandveiligheid betekent. Registreer elke ongewenste alarmering, analyseer de oorzaak en neem corrigerende maatregelen. Veelvoorkomende oorzaken zijn stof, stoom, bouwwerkzaamheden en verkeerd geplaatste detectoren.
Verwante onderwerpen
Volg het laatste nieuws over dit onderwerp via Brandveiligheidscompliance op FM Radar →